Bij ons in huis praten we een mengsel van talen:
Nederlands en Engels voor dagelijks gebruik, Latijn als het over de tuin gaat
en Indonesisch als het over eten gaat.
Hieronder staat een woordenlijstje van Indonesische woorden die regelmatig
in de recepten terugkomen.
Uitspraakregels:U - Oe
C - Tj
J - Dzj
Y - J
Ayam - kip
Babi - varken
Sapi - koe, rund
Ikan - vis
Kambing - geit (of schaap)
Bebek/Itik - eend
Sayur - groente
Bumbu - kruidenmengsel
Gula - suiker
Garam - zout
Merica - peper (gemalen)
Cabe - peper (rood)
Goreng - bakken
Kukus - stomen
Panggang - roosteren
Bakar - grillen
Rebus - in water koken
Comments
Post a Comment